In de meivakantie verschijnt op 6 mei geen krant. De volgende Kidsweek ligt op 14 mei op de mat.
Ivm Hemelvaart zijn we een dag later.

‘Jantje, wil je een tekening maken?’ vraagt de meester. ‘Ja, leuk’, antwoordt Jantje. Na een uur komt de meester weer kijken en vraagt: ‘Waarom heb je nog niks getekend?’ ‘Hoezo?’ vraagt Jantje. ‘Ik heb een koe getekend die gras staat te eten!’ ‘Maar waar is het gras dan?’ vraagt de meester. ‘Dat heeft de koe al opgegeten’, zegt Jantje. ‘En waar is de koe dan?’ vraagt de meester toch een beetje nieuwsgierig. ‘Meester,’ zegt Jantje, ‘denkt u nou echt dat een koe blijft staan als er geen gras meer is?’

Dokter: ‘Weet u dat we tijdens de operatie dertig theelepeltjes in uw maag gevonden hebben?’ Patiënt: ‘Natuurlijk, dat was uw recept. Tien dagen lang drie keer per dag één theelepel!’

Een man komt in een oerwoud een tijger tegen. Hij is doodsbang en rent weg, maar de tijger komt achter hem aan. Na drie uur rennen valt de man heel moe op de grond. Hij denkt: ‘Nu ben ik er geweest!’ De tijger komt naar hem toe, tilt zijn poot op, tikt de man aan en zegt: ‘Tikkie, jij bent hem!’

Hoe heet een elektrische Lada?

Antwoord

Een oplada.

Een vis botst tegen een andere vis op. De ene vis zegt: 'Hé, kijk eens uit!' Zegt de andere vis: 'Sorry, ik had water in mijn ogen!'

Er zitten twee oenen naast elkaar op een bankje. Zegt de ene oen tegen de andere: ‘Mag ik nu even in het midden zitten?’

Er zitten twee luizen op een kaal hoofd. Zegt de ene luis tegen de andere: 'Hier speelden we vroeger altijd verstoppertje!'

Een oen zit in de auto, hij komt bij een stoplicht. Het wordt rood. 'Mooi kleurtje!' zegt de oen. Het stoplicht wordt oranje. 'Mooi kleurtje!' zegt hij. Het stoplicht wordt groen. 'Mooi kleurtje', zegt hij weer. Daarna wordt het stoplicht weer rood. 'Saai, die kleur heb ik al gezien', zegt de oen en rijdt dan door!

Twee jongens zijn in hetzelfde jaar geboren, op dezelfde dag, in hetzelfde uur en van dezelfde ouders, maar zijn toch geen tweeling. Hoe kan dit? 

Antwoord

Ze zijn twee van een drieling!

Wat draagt een clown? 

Antwoord

Een lolbroek en een grapjas!

Er waren eens vier kabouters in het bos. Eén kabouter verdrinkt in het water en de anderen lopen verder. De tweede kabouter wordt ontvoerd. De derde kabouter wordt opgegeten. Hoeveel kabouters zijn er dan nog?

Antwoord

Geen, want kabouters bestaan niet!

Waarom gooit een oen de dobbelstenen tegen het plafond? 

Antwoord

Wie het hoogst gooit mag beginnen!

Een Nederlander, een Belg en een Fransman zitten op een wolkenkrabber. De Fransman zegt: 'Ik durf te wedden om honderd euro dat als ik mijn horloge naar beneden gooi, dat ik hem dan beneden weer kan opvangen.' De Nederlander en de Belg gaan de weddenschap aan. Als eerste gaat de Fransman. Hij gooit zijn horloge maar beneden, rent de trap af en kan zijn horloge niet opvangen. Dan is de Belg aan de beurt. Ook hij gooit zijn horloge naar beneden, rent de trap af en en kan zijn horloge niet opvangen. Dan is de Nederlander aan de beurt. Hij gooit zijn horloge naar beneden, loopt rustig de trap af, gaat even koffie drinken bij zijn oma die een paar etages lager woont, gaat daarna naar beneden en vangt zijn horloge op. De Belg en de Fransman zijn stomverbaasd en vragen aan de Nederlander hoe hij dat heeft gedaan. 'Simpel,' antwoordt de Nederlander; 'ik had mijn horloge een uur teruggedraaid!'

Wat is de grappigste hond ter wereld?

Antwoord

Een mopshond.

Twee muizen zitten in de goot. Dan zien ze opeens een vleermuis voorbij vliegen. De ene muis steekt zijn pootje op. De andere vraagt: 'Ken jij hem?' Antwoordt de ene muis: 'Ja, dat is mijn broer, hij werkt bij de luchtmacht.'

Twee oenen liggen op het strand. De ene oen zegt: 'Lekker windje, hè.' Dan zegt de andere oen: 'Zal ik er nog een laten?'

Een man gaat naar het ziekenhuis om geopereerd te worden. Als hij in de operatiekamer ligt, ziet hij de doktors met mondkapjes op. De man zegt tegen de dokters: 'Doe die mondkapjes maar af hoor! Ik heb jullie al lang herkend!'

Erik komt vol trots op school en vertelt aan zijn vrienden dat zijn hond kan liegen. 'Wat een onzin', roepen zijn vrienden in koor. 'Maar het is echt waar!' zegt Erik. 'Als ik hem vraag: "Wat doet de poes?" dan antwoordt hij: "Woef, woef!" Zie je wel dat hij kan liegen.'

Twee oenen staan allebei aan een kant van de weg. Vraagt de ene oen aan de andere: 'Hoe kom ik aan de overkant?' Zegt de andere oen: 'Hoezo? Daar sta je toch al?'

Govrien gaat naar een restaurant en bestelt een kopje koffie. Even later krijgt ze de koffie. Ze neemt een slokje en spuugt het meteen weer uit. ‘Getver’, roept ze. ‘Is deze koffie soms van gisteren?’ ‘Ja, dat klopt’, zegt de ober. Govrien vraagt of de ober ook koffie van vandaag heeft. Dan zegt de ober: ‘Ja hoor, dan moet u morgen terugkomen!’

Moppen