Foto: Henriette Guest

Minister hield niet van school

DEEL DIT ARTIKEL Facebook
Kidsweek
Redactie
Kidsweek

Marja van Bijsterveldt (49 jaar) is de nieuwe minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Zij controleert of scholen goed les geven. Tim (11 jaar) en Freddie (13 jaar) vroegen de minister maandag wat er gaat veranderen voor kinderen op school.

Tim: Vond u school vroeger leuk?
Lachend: ‘Nee, niet altijd. Vooral lang stilzitten vond ik moeilijk. Ik had het erg gezellig met mijn vrienden en vriendinnen. De lessen vond ik wat minder. Mijn moeder zei altijd: "Doe je best en werk hard." Daar had ik toen geen zin in en ik vond een zesje op mijn rapport wel genoeg. Na de mavo ging ik naar de havo. Daarna koos ik voor de opleiding verpleegkunde. Op die opleiding kon ik leren en werken tegelijk. Dat vond ik geweldig. Werkend ben ik veel gelukkiger dan in de schoolbankjes.'

Tim: Vindt u deze baan als minister dan niet supersaai?
‘Nee joh! Ik doe veel verschillende dingen, kom door het hele land en ontmoet veel mensen. Mijn baan is erg afwisselend en dat vind ik erg leuk. Ja, ik ben een bofferd!'

Tim: Eén van uw plannen is om juffen en meesters die goed hun best doen, meer salaris te geven. Wie bepaalt nu of een leraar goed is of niet?
‘Kinderen weten vaak heel goed wie een goede juf of meester is. Maar ook ouders, leraren en de schooldirecteur weten dit. Het is een nieuw plan, dus ik weet nog niet precies hoe we dit gaan aanpakken. Maar zeker is dat we er extra geld voor gaan uittrekken. Want voor een beloning doen veel mensen vaak extra hun best.'

Freddie: Als onze leraren ziek zijn, krijgen we soms les van de conciërge. Mag dat?
‘Hebben jullie een leerlingenraad? Ja? Dan lijkt me dat een goed punt voor de vergadering. Deze leerlingen kunnen onderzoeken of de conciërge wel een diploma heeft om les te mogen geven. Tot slot nog even iets anders, Tim en Freddie. Heel leuk dat jullie mij hebben geïnterviewd, maar hebben jullie nu eigenlijk geen les? Nou goed, hier leer je natuurlijk ook veel van!'

Meer toetsen
Minister Van Bijsterveldt wil dat kinderen meer worden getoetst. Zo is ze van plan om alle kinderen in groep drie een toets Nederlands te laten maken. Alle kinderen in Nederland krijgen dezelfde toets. Op die manier kunnen de juffen en meesters zien hoe het staat met de kennis van hun leerlingen. Aan het eind van de basisschool moet je weer een toets maken. Zo kan je precies meten wat je op school hebt geleerd. Niet alleen is dat handig voor leerlingen, ook kan de minister zo onderzoeken welke school het goed doet en welke school minder. De toets is anders dan de Cito-toets, want die is niet verplicht. Deze landelijke toets moet verplicht worden voor alle kinderen. Hoe deze toets er precies uit gaat zien, is nog niet bekend. De minister moet haar plannen eerst nog uitwerken en bespreken met alle andere politici in de Tweede Kamer.

DEEL DIT ARTIKEL Facebook

Reacties

Wat vind jij? Laat je reactie achter

Hallo!

Let op:

Je reactie wordt door de redactie eerst gelezen. Reacties met onbehoorlijke taal of waarin e-mailadressen, telefoonnummers en adressen staan worden verwijderd.