Foto: Johannes Abeling
Testteam

Op bezoek bij het Groote Museum

DEEL DIT ARTIKEL Facebook
Janine de Wit
Janine
de Wit

Eten, ruiken, knuffelen en lachen. Mensen en dieren hebben veel overeenkomsten. Maar ze verschillen ook erg. En hoe zit dat met planten? Het testteam zoekt het uit in het Groote Museum in Artis in Amsterdam.

Het Groote Museum is na 75 jaar weer open. De dierenskeletten vallen direct op als je binnenloopt. De testers staan plots even stil. Ze weten niet waar ze moeten beginnen. Er is zoveel te zien! De grote ruimte bestaat uit twaalf delen. In elk deel daarvan wordt een lichaamsdeel uitgelicht. De neus, je hersenen, je ruggengraat, je hart, je ogen, je voeten, je darmen en je oren bijvoorbeeld. Die lichaamsdelen worden ook nog eens vergeleken met planten en dieren.

Knuffelbeer of stekelvarken?

‘Wow, wat is dat?’ vraagt Jaro zich hardop af. De ogen van de drie testers worden naar vier enorme jassen op etalagepoppen getrokken, in het deel over je huid. Twee zijn knalblauw met felroze en zijn gemaakt voor echte knuffelberen. De twee zwarte jassen doen met hun stekels aan een stekelvarken denken. Welke jas je kiest, zegt iets over je drang naar een knuffel. Niet iedereen heeft daar altijd zin in. Jaro kiest daarom ook voor wat afstand met de zwarte stekeljas. Noach en Zinedine vliegen elkaar juist in de blauw/roze haren. Zo’n liefkozende aanraking gebeurt ook veel door dieren. Een reusaapje groeit bijvoorbeeld sneller door knuffels van de moeder, lezen ze.

Gevoelsbedrog

De testers lopen door naar een soort raster van metaal. Als je je handen tegen elkaar wrijft met het raster ertussen, voelt dat erg fijn. ‘Heel zacht!’ zegt Zinedine. ‘Dit kan ik wel uren doen’, zucht Noach. ‘Maar dat kan ook gewoon buiten bij een hek’, concludeert hij later. Dat zachte gevoel heeft te maken met gevoelsbedrog. Als je dat raster niet hebt, voelen je handen helemaal niet zo zacht. Af en toe glippen de jongens even terug om nog even te voelen. Dit museum is nu al een succes!

Foto: Johannes Abeling

Dansen en springen

Verderop staat een groot scherm, waarop je je eigen skelet kunt vergelijken met dat van dieren. Zinedine rent naar de camera en doet een dansje. Jaro komt springend naast hem staan. Het skelet van Zinedine wordt vergeleken met dat van een wallaby. ‘Bij een wallaby is het skelet veel langer. Helemaal tot in de staart. Dat wist ik niet. Daardoor kan hij natuurlijk zo ver springen’, denkt Zinedine hardop. Noach kijkt naar de dierenskeletten eromheen. ‘De ruggengraat van een aap lijkt meer op die van ons.’

Gespannen spieren

Dan door naar het deel over je spieren. ‘Je hebt 22 spieren in je gezicht’, leest Jaro voor. ‘Wat veel!’ Hij leest verder: ‘Daarmee kun je veel verschillende emoties tonen.’ Dat moeten ze testen. De jongens gaan om de beurt voor een camera zitten en proberen na te doen wat ze op het scherm zien. Noach begint. ‘Jij kunt wel erg boos kijken!’ zegt Zinedine. Daardoor verschijnt er toch een klein glimlachje op het gezicht van Noach. Ook hier lijken mensen weer op dieren. Noach: ‘Als je bang bent, spannen spieren in je hele lichaam zich aan. Dat zie je ook bij die hond’, zegt hij terwijl hij naar een filmpje wijst.

Foto: Johannes Abeling

Lavendel, banaan en hondenzweet

De testers willen graag nog iets leren over hun neus. Ze lopen de trap op naar een lange geurtunnel. De tunnel is donker, zodat je alles aan je neus kunt overlaten. ‘Lavendel!’, ‘pistache!’, ‘banaan!’, ‘Iew, hondenzweet’, ‘en nu snoepgeur’, roepen de jongens enthousiast door elkaar terwijl ze door de tunnel lopen. Geuren kunnen herinneringen ophalen, lezen ze. Maar dat is bij de testers nu niet het geval. ‘Nou ja, het deed me wel een beetje denken aan die keer dat ik te veel snoep had gegeten en misselijk was’, zegt Zinedine. Dieren gebruiken hun neus veel meer dan mensen, lezen ze aan het einde van de tunnel. Honden kunnen bijvoorbeeld 44 keer zo goed ruiken als een mens. Noach: ‘Ruiken is belangrijk voor dieren, want zo weten ze snel waar hun prooi is.’

Veel gepropt

Het hoofd van de testers is vol en de tijd zit erop. Er was zoveel leuks te leren over mensen en dieren, dat ze de delen over planten hebben gemist. ‘Dat is jammer’, zegt Jaro. ‘Er was ook wel héél veel te zien en te lezen’, vindt Noach. En dat is meteen een klein minpunt, vindt Zinedine. ‘Het is allemaal wel erg op elkaar gepropt. Je ziet niet goed bij welk lichaamsdeel je bent.’ Toch zijn ze allemaal enthousiast over wat ze hebben gedaan en geleerd. ‘Het is leuk dat je zoveel zelf kunt doen’, vindt Zinedine. Noach: ‘En onze lichamen zitten knap in elkaar!’

Cijfer: 7,9

+ veel te lezen
+ veel uit te proberen
+ de geurtunnel
- onoverzichtelijk

Het ARTIS-Groote Museum, Plantage Middenlaan 41 in Amsterdam, grootemuseum.nl

Anderen lazen ook: Op bezoek bij het Gevangenismuseum

Altijd op de hoogte blijven van nieuwtjes die voor kinderen interessant zijn? Volg ons via FacebookInstagram, de wekelijkse nieuwsbrief of neem een proefabonnement op de krant!

DEEL DIT ARTIKEL Facebook